Suman: “Mijn diagnose bepaalt niet wie ik ben”

In de rustige straten van een afgelegen dorp in India woont Suman Kumari. Ze is jong, vol dromen en omringd door de warmte van haar familie. Maar zoals het leven vaak doet, bracht het een onverwachte wending met zich mee, Suman werd ziek.

Haar symptomen waren haar een raadsel. De vermoeidheid en de vreemde plekjes op haar huid waren verwarrend en angstaanjagend. Maar de schok kwam toen de diagnose werd gesteld: lepra. Een ziekte die niet alleen haar lichaam aanviel, maar ook haar leven op zijn kop zette.

Verstoten en verlaten
De grootste klap komt van haar echtgenoot, die haar zonder aarzeling verstoot. Zonder enige steun wordt Suman aan de kant van de weg achtergelaten. Zelfs haar schoonfamilie keert zich tegen haar, alsof ze besmet is met iets dat hen zou kunnen besmetten. De dagen worden donkerder en de last van haar ziekte lijkt ondraaglijk. “Ik heb niets,” vertelt ze, “hij heeft me met niets achtergelaten.”

Liefde als medicijn
In de duisternis gloeit een sprankje hoop op. Haar ouders openen liefdevol hun deuren, en hoewel ze misschien niet alles kunnen bieden wat ze nodig heeft, bieden ze wel onvoorwaardelijke liefde en acceptatie. Het is in de warmte van hun huis dat Suman begint te genezen, langzaam maar zeker. Terwijl de medicijnen hun werk doen en de plekjes op haar huid verdwijnen, gaat het genezingsproces dieper dan dat. Ze weigert toe te staan dat haar ziekte haar definieert; “ik weet dat ik meer ben dan de labels die anderen mij opleggen” vertelt Suman.

Nieuwe roeping
Als Suman genezen is, wil ze eropuitgaan om zo veel mogelijk mensen over lepra te vertellen. “Niemand mag het leed dat ik heb gehad meer meemaken. Ik wil mensen met lepra zelf gaan helpen.”