Saloni groeide op in een arm dorp in India, zonder haar moeder, die stierf toen Saloni nog klein was. Op jonge leeftijd kreeg ze lepra; haar voet vervormde, haar vingers trokken krom, en ze verloor zelfs haar tenen. Saloni vertelt: “Ik was bang en wist niet wat er met me gebeurde. Door de pijn in mijn voeten werd lopen steeds moeilijker. Mensen om me heen wisten niet hoe ze konden helpen en vermeden me. Ik voelde me erg alleen en vergeten.”
Na lange tijd werd ze eindelijk doorverwezen naar het lepraziekenhuis, waar ze de liefde en zorg ontving die ze zo hard nodig had. Het raakte haar zo erg, dat ze nu ook verpleegster wil worden. “Ik wil anderen helpen zoals ik zelf geholpen ben. Mijn handicaps gaan niet meer weg, maar ik kan wel helpen om dit leed bij anderen te voorkomen.”
De hele ziekenhuiszaal ligt vol met jonge meiden zoals Saloni, met een onzekere toekomst door lepra. We willen ze zo graag allemaal helpen.